Recente beoordelingen van informatie over het land van herkomst in Europa en een uitspraak van een Nederlandse rechtbank hechten steeds meer belang aan de opvatting dat gerechtelijke vervolging van personen die in verband worden gebracht met de Hizmetbeweging (Gülenbeweging) in Turkije is afgenomen, gerichter is geworden en op strengere bewijsnormen berust.
Een nieuw rapport van em. prof. dr. Johan Vande Lanotte van 27 juli 2026 toetst deze aannames aan het beschikbare bewijsmateriaal.
De studie brengt alle gerechtelijke acties in kaart die in 2025 in de Turkse media en op sociale media werden gemeld in verband met vermeende banden met de beweging: 342 operaties en 4.386 gemelde aanhoudingen. Door deze cijfers te vergelijken met gedeeltelijk beschikbare officiële statistieken, concludeert het rapport dat het werkelijke aantal aangehouden personen waarschijnlijk minstens twee keer zo hoog ligt. Elke actie wordt afzonderlijk met bronnen onderbouwd en de onderliggende dataset is in de bijlagen gepubliceerd.
Wat toont het bewijsmateriaal aan?
▪️ De cijfers zijn gedaald, maar dat wijst niet noodzakelijk op een beleidswijziging.
Het jaarlijkse gemiddelde aantal gemelde operaties daalde van 1.149 in de periode 2016-2019 tot 431 in de periode 2021-2025. Het aantal gemelde aanhoudingen daalde van 28.100 tot 5.950 per jaar. Volgens het rapport is deze daling grotendeels te verklaren doordat reeds zeer veel personen zijn vervolgd en doordat een aanzienlijk aantal personen Turkije heeft verlaten.
▪️ De focus is niet vernauwd, maar verschoven.
In 2025 was de grootste categorie van structurele operaties gericht op wat de autoriteiten omschrijven als de “actuele structuur” van de beweging, waarbij onder meer kinderen en personen die humanitaire hulp ontvingen in beeld kwamen. Een andere belangrijke categorie richtte zich op personen die steun verleenden aan veroordeelde, vervolgde of uit hun functie ontslagen personen en hun families. Deze categorie leidde tot 1.033 aanhoudingen. Ook bij ondernemingen die personen met vermeende banden met de beweging tewerkstelden, werden bewindvoerders aangesteld.
▪️ De gronden waarop vervolging wordt gebaseerd, grijpen steeds verder in op het dagelijkse leven.
Bijles geven aan leerlingen ter voorbereiding op examens, sociale activiteiten organiseren, kinderen meenemen naar de bioscoop of om te bowlen, financiële steun verlenen aan getroffen families, een graf bezoeken, een prepaid-simkaart gebruiken of personen in dienst nemen die eerder met de beweging in verband zijn gebracht: al deze gedragingen kwamen naar voren als bewijselementen. Vervolging is daardoor niet voorspelbaarder, maar juist minder voorspelbaar geworden.
▪️ De Turkse rechtspraak blijft in strijd met de beginselen die het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft uiteengezet in de arresten Yalçınkaya en Yasak.
Het rapport stelt vast dat het vereiste strafrechtelijke opzet nog steeds wordt afgeleid uit rechtmatig gedrag, in plaats van individueel te worden onderzocht en bewezen.
De conclusie van het rapport heeft rechtstreekse gevolgen voor het Europese asielbeleid:
Het aantal vervolgingen is afgenomen. Voor personen van wie rechtmatige activiteiten kunnen worden geïnterpreteerd als aanwijzingen voor banden met de beweging, is het risico op vervolging echter niet afgenomen. Tegelijkertijd is het moeilijker geworden om dat risico vooraf in te schatten.
Download het rapport: