Mensenrechten in Turkije

Volgens İSİG kwamen in Türkiye tijdens het schooljaar 2025-2026 minstens 95 werkende kinderen om het leven, een stijging van 32 procent

Delen

De İşçi Sağlığı ve İş Güvenliği Meclisi (İSİG), een onafhankelijke organisatie die sinds 2011 werkgerelateerde sterfgevallen in Türkiye opvolgt, publiceerde op 22 september 2026 haar jaarlijkse rapport over het schooljaar. Daarin worden minstens 95 kinderen geregistreerd die tussen 1 september 2025 en 31 augustus 2026 omkwamen tijdens het werk, tegenover 72 in het vorige schooljaar en 66 in 2023-2024. İSİG beschouwt, overeenkomstig de internationale definitie, iedereen onder de 18 jaar als kinderarbeider. De Turkse wet kwalificeert 15- tot 17-jarigen als “genç işçi”, jonge werknemers.

Van de 95 kinderen waren er 28 tussen 5 en 14 jaar oud en 67 tussen 15 en 17 jaar. Veertien waren meisjes en 81 jongens. Veertien waren vluchtelingen of migranten, onder wie 11 Syriërs, twee Afghanen en één Irakees. Het hoogste aantal sterfgevallen werd geregistreerd in Antalya, met negen doden, gevolgd door Şanlıurfa met zes en Mersin met vijf.

De landbouw was goed voor 37 sterfgevallen. Daarvan waren 25 kinderen loonarbeiders en werkten er 12 als landbouwers. Daarna volgden de industrie met 27 sterfgevallen, de bouwsector met 18 en de dienstensector met 13. Het aandeel van de landbouw steeg van 28 procent vorig jaar naar 39 procent, al ligt het gemiddelde over de 13-jarige reeks van İSİG op 52 procent en bedroeg het aandeel in 2013-2014 ongeveer 65 procent.

Volgens İSİG ligt het werkelijke aantal waarschijnlijk hoger. Van 34 procent van de sterfgevallen vernam de organisatie via lokale bronnen of meldingen die rechtstreeks aan haar werden bezorgd. Daarnaast overleden in dezelfde periode nog 29 werknemers die als 18 jaar oud waren geregistreerd, zonder dat İSİG kon vaststellen of zij allemaal daadwerkelijk al 18 waren geworden. Volgens İSİG werkten alle 28 kinderen tussen 5 en 14 jaar in de informele economie.

Voor 15- tot 17-jarigen is seizoensarbeid in de landbouw volgens İSİG niet langer de voornaamste werkplek. Zij werken nu vooral in de industrie, de bouwsector en de stedelijke dienstensector. İSİG schrijft dit gedeeltelijk toe aan de Centra voor Beroepsonderwijs (MESEM), een door de staat georganiseerd systeem waarbij leerlingen één dag per week naar school gaan en vier dagen in bedrijven werken. Zij ontvangen een deel van het minimumloon en zijn verzekerd. Volgens İSİG werken leerlingen in de praktijk echter vijf of zes dagen per week en 10 tot 12 uur per dag, in totaal 50 tot 60 uur per week en soms tot 23.00 uur. Hun loon, tussen een derde en de helft van het minimumloon, wordt volgens de organisatie betaald uit het Werkloosheidsverzekeringsfonds en niet door de werkgevers. İSİG pleit voor de afschaffing van MESEM.

İSİG wijst ook op een regeling die op 17 januari 2025 in het Staatsblad werd gepubliceerd en leerlingen uit het 5e, 6e en 7e leerjaar de mogelijkheid biedt over te stappen naar middelbare beroepsscholen. Volgens de organisatie verlaagt dit de leeftijd waarop kinderen instromen in arbeidsgericht onderwijs tot 10 of 11 jaar.

Volgens SCF zei minister van Onderwijs Yusuf Tekin eerder deze maand dat sinds 2025 37 leerlingen waren overleden en 9.950 arbeidsongevallen waren geregistreerd binnen het MESEM-programma.

Het rapport van İSİG noemt alle 95 kinderen bij naam. Achtentwintig van hen waren tussen 5 en 14 jaar oud. De minimumleeftijd voor reguliere tewerkstelling in Türkiye is 15 jaar.

Bronnen

1- İşçi Sağlığı ve İş Güvenliği Meclisi (İSİG), “2025-2026 eğitim öğretim yılında en az 95 çocuk işçi hayatını kaybetti”, 22.09.2026 (Turks). https://www.isigmeclisi.org/21736-cocuk-isciligi-ile-mucadeleye-2025-2026-egitim-ogretim-yilinda-en

2- Stockholm Center for Freedom, 23.09.2026. https://stockholmcf.org/child-worker-deaths-in-turkey-rise-32-percent-to-95-in-past-school-year-report/

Juridische toelichting

  • VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind, artikelen 3 en 32. Artikel 3 bepaalt dat het belang van het kind een eerste overweging moet zijn bij alle maatregelen die kinderen betreffen. Artikel 32 beschermt kinderen tegen economische uitbuiting en tegen werk dat gevaarlijk kan zijn, hun onderwijs kan belemmeren of schadelijk kan zijn voor hun gezondheid of hun lichamelijke, geestelijke, spirituele, morele of sociale ontwikkeling. Türkiye is partij bij het Verdrag.

  • IAO-Verdrag nr. 138 inzake de minimumleeftijd, door Türkiye geratificeerd op 30 oktober 1998, met een algemene minimumleeftijd van 15 jaar; en IAO-Verdrag nr. 182 inzake de ergste vormen van kinderarbeid, door Türkiye geratificeerd op 2 augustus 2001.

  • Herzien Europees Sociaal Handvest, artikel 7 (“Het recht van kinderen en jongeren op bescherming”). Türkiye heeft artikel 7 in zijn geheel aanvaard onder het Herziene Handvest.

  • Turkse Arbeidswet nr. 4857, artikel 71, verbiedt in beginsel de tewerkstelling van kinderen jonger dan 15 jaar. Kinderen die de leeftijd van 14 jaar en de leerplichtige leeftijd voor het basisonderwijs hebben voltooid, mogen lichte arbeid verrichten die hun ontwikkeling niet schaadt of, wanneer zij nog onderwijs volgen, hun schoolbezoek niet belemmert. Er bestaat ook een beperkte uitzondering voor kinderen jonger dan 14 jaar die deelnemen aan artistieke, culturele of reclameactiviteiten, onder wettelijke waarborgen, waaronder een schriftelijke overeenkomst en een afzonderlijke toestemming voor elke activiteit.

Gerelateerd nieuws

No posts found!

Our Works